Bioloog
Arjen Mulder is achterdochtig wat betreft de bijna-doodervaring (BDE), het is waarschijnlijk
een “val die de dood voor ons opstelt om ons het leven afhandig te maken en
onze ziel uit ons lichaam te trekken”. Merkwaardig ook dat er geen paranoïde BDE
variant bekend is, stelt hij in zijn boek Wat is leven? Maar dat klopt niet. Er zijn genoeg negatieve BDE ervaringen op
internet te vinden, ook van voor 2014, het publicatiejaar van Mulders boek. In
het tijdschrift van de Missouri State Medical Association bijvoorbeeld, van
november dat jaar, staat een interessant artikel over ‘verontrustende
bijna-doodervaringen’, geschreven door professor Bruce Greyson en Nancy Evans
Bush.*
Uit
decennialang onderzoek bleek dat 20% van de BDE’s behoorlijk verontrustend kan
zijn. Dat is minder bekend, want de meeste mensen met zo’n ervaring houden
liever hun mond daarover. Er is dus nauwelijks onderzoek naar gedaan. We horen
eigenlijk altijd alleen maar de prettige en schitterende verhalen. De akelige
BDE’s lijken vaak op de aangename, met dezelfde elementen, maar missen de
positief emotionele toon. Hier gevoelens van schuld, wanhoop en vreselijke
angst. En ook geen vermindering van angst voor de dood naderhand, integendeel.
Het artikel geeft enkele voorbeelden van een slechte BDE:
Een man zweeft
boven hulpbiedende artsen en schreeuwt naar ze. Ze horen hem niet. Dan schiet
hij door de duisternis naar een helder licht en flitst langs schimmige mensen,
kennelijk wachtende overleden familieleden. Hij is in paniek door het bizarre
scenario en zijn onvermogen om dit te beïnvloeden.
Een
vrouw vliegt met enorme snelheid de ruimte in, en komt op ramkoers met
verblindend wit licht. Het overspoelt haar en maakt haar doodsbang.
Een
vrouw ervaart haar hele leven opnieuw, vervuld van veel verdriet en depressiviteit.
Dit zijn zogenaamde ‘omgekeerde’ BDE’s. Andere zijn ronduit ‘hels’:
Een man
voelt zich in de diepten van de aarde vallen. Onderaan staan een paar hoge,
roestige poorten, die hij waarneemt als de poorten van de hel. Door paniek
bevangen slaagt hij erin om terug te klauteren naar het daglicht.
Een
vrouw wordt begeleid door een angstaanjagend verlaten landschap en ziet een
groep dwalende geesten. Ze zien er verloren uit en lijden pijn, maar haar gids
geeft aan dat ze hen niet mag helpen.
Een (atheïstische)
hoogleraar ervaart dat hij wordt verscheurd door kwaadaardige wezens.
Een
vrouw ontmoet gruwelijke wezens met grijze gelatineachtige aanhangsels, die naar haar klauwen en zich vastgrijpen Zij
kan zich de onbeschrijfelijke stank en de geluiden van hun gutturaal gekreun ook
na 41 jaar nog goed herinneren.
Een
vrouw doet een zelfmoordpoging, en voelt haar lichaam naar beneden glijden in
een koude, donkere, waterige omgeving. De bodem lijkt op de ingang van een grot
en er zijn een soort op webben. Ze hoort gehuil, gejammer, gekreun en
tandengeknars. Ziet mensachtige wezens, met de vorm van een hoofd en lichaam,
maar lelijk en grotesk. Ze zijn beangstigend en klinken gekweld, als in
doodsangst.
Een
vrouw vliegt plotseling over het ziekenhuis de diepe, lege ruimte in. Een groep
cirkelvormige entiteiten vertelt haar dat ze nooit bestaan heeft, dat ze zich
haar leven heeft mogen verbeelden, maar dat het een grap was. Ze was niet echt.
De vrouw brengt daar feiten over haar leven tegenin, en beschrijvingen van de
aarde. Maar nee, zeggen de wezens, er is nooit iets echt geweest, dit is alles
wat er is. Vervolgens wordt ze alleen gelaten in de ruimte.
Deze
laatste lijkt me pure pesterij van een stel rondhangende entiteiten, die zich
vermaken ten koste van een onzekere nieuwkomer. Heel herkenbaar. Het doet me
ook wel denken aan bepaalde uittredingservaringen, beschreven door Robert A. Monroe. In ‘Omgeving twee’ van ‘zijn’ astrale wereld bijvoorbeeld,
kun je het heel slecht treffen. Daar is een duister en naargeestig gebied, door
Monroe beschreven als “een grijs-zwarte hongerige oceaan, waar de geringste
beweging knabbelende en kwellende wezens aantrekt”. Ook Monroe vraagt zich af:
zijn dit de poorten van de hel? En wie of wat zijn die wezens?
De derde
soort negatieve BDE is ‘leegte’, die wordt ervaren of waargenomen. Er zijn
gevoelens van eenzaamheid en isolatie:
Een vrouw
voelt dat ze op water drijft, eerst vredig, maar dan angstwekkend. Ze wordt een
licht in de hemel, schreeuwt zonder geluid. Draait rond en realiseert zich dat
dit eeuwigheid is, zo zal het verder altijd zijn. Ze voelt de eenzaamheid en
leegte en uitgestrektheid van het universum, behalve voor haar dan, een bal van
licht, schreeuwend.
Een
vrouw voelt zich tijdens een zelfmoordpoging een leegte ingezogen, een donkere
afgrond of tunnel. Zich niet bewust van haar lichaam zoals ze het kende. Ze had
het Niets verwacht, de Big Sleep, de vergetelheid, maar ontdekt nu dat ze naar
een ander level gaat, en dat maakt haar doodsbang. De kracht trekt haar mee naar
een plek waar ze niet heen wil, maar uiteindelijk komt ze niet verder dan de
nevel.
Een man
voelt zich uit zijn lichaam opstaan, plotseling zwevend in totale zwartheid. Zwarte
ruimte, zonder boven of beneden, links of rechts. Er gaat een eeuwigheid
voorbij, lijkt het, door hem volledig en in ellende doorleefd. Hij mag alleen
nadenken.
In de
negatieve BDE is het religieuze element afwezig. God of een engelachtig
schepsel wordt wel verwacht, en soms aangeroepen, maar de bijna-dode is en
blijft alleen. Het is enorm beangstigend. Gevoelens van absolute verschrikking,
voorbij de hulp van iedereen, zelfs God.
Ik moet
hier ook mijn mening herzien. Ik ging er tot nu toe vanuit dat de
bijna-dode te zien krijgt wat hij vooraf verwachtte, de ‘bekende’ (positieve)
BDE elementen dus, al dan niet cultureel bepaald. Maar dat is dus niet geval. “Geen
goedaardig Lichtwezen of levensvideo, niets moois of aangenaams”, klaagt iemand
in zijn verslag. Het is totaal niet te voorspellen wie welk type BDE zal
hebben. Er is geen enkel bewijs dat "goede" mensen een aangename BDE zullen
krijgen en de "slechte" mensen een akelige. Deugdzamen hebben soms heel
akelige BDE's gemeld, terwijl criminelen en zelfmoordenaars gelukzaligheid
hebben beleefd.
Dit valt
voor veel bijna-doden niet te rijmen. De hel? Waarom ik, waar heb ik dit aan
verdiend, en wat zijn de regels dán? Twijfel en misschien ook wel schaamte: ik
ben kennelijk een heel slecht mens. En ga ik daar straks naar terug? De
gebeurtenis was zo heftig dat er vaak angst blijft voor de dood, ook bij mensen
die eerst niet in een hel geloofden. Het concept van de hel en de christelijke
associatie met eeuwige fysieke kwelling is diepgeworteld in de westerse cultuur.
De ervaring kan een ommekeer tot gevolg hebben, beschouwd worden als een
waarschuwing, men krijgt een tweede kans, het moet allemaal anders. Mensen
bekeren zich, sluiten zich aan bij een kerkgemeenschap. Anderen proberen hun
BDE juist te bagatelliseren of rationele verklaringen te zoeken. Als derde soort
reactie wordt genoemd de ‘lange termijn’. Mensen blijven soms nog jaren- of decennialang
worstelen met hun herinneringen en existentiële vragen. Zij kunnen het geen
plekje geven, ook niet via psychotherapie, er is altijd onderliggende
onzekerheid en angst. Veel BDE’s zijn traumatisch in hun echtheid, en hun
primaire effect is een krachtig en blijvend besef dat de fysieke wereld niet de
volledige ‘werkelijkheid’ is. Een overtuiging die het persoonlijke leven en de
sociale relaties van de bijna-dode abrupt en permanent verstoort.
*Missouri
Medicine
The
journal of the Missouri State Medical Association
nov-dec 2014
Nancy
Evans Bush is voorzitter Emerita, Internationale Vereniging voor Nabij-Dood
Studies
Bruce
Greyson is hoogleraar psychiatrie en neurologische gedragswetenschappen
University of Virginia School of Medicine