Posts tonen met het label yoga. Alle posts tonen
Posts tonen met het label yoga. Alle posts tonen

donderdag 25 juni 2026

It's too hot to move, and it's too hot to think

And from this window, I can see the street below
I can hear the hit parade on the radio
There's dirty dishes piling up in the sink
But it's too hot to move, and it's too hot to think 

                                                                   Triffids

 

Deze week kom ik nergens aan toe. Er is een hittegolf en die slaat alles plat. Nadenken over gewone dingen is al niet eenvoudig, laat staan over Nagarjuna…Activiteit staat hier even op een laag pitje (zelfs Yoga).
 
 

zaterdag 9 augustus 2025

Tony Parsons en de Meesters

De boodschap van Tony Parsons is nogal radicaal, hij noemt het een ‘wondermooi mysterie’, maar op mij komt het toch wat deprimerend over. Wel een mogelijke bevrijding of verlichting, maar niet als een soort feestelijk moment dat alles goedmaakt. Meer een nieuwe vorm van alledaagse sleur en vanzelfsprekendheid. Er is sowieso niets te bereiken, zegt Parsons en de werkelijkheid is eenvoudig en direct. En het kwartje kan zomaar ineens vallen, als je geluk hebt tenminste. Tot die tijd zijn we als goden die rondlopen in onze eigen schepping, in de veronderstelling dat we afgescheiden mensen zijn.

Meditatie en yoga vindt Tony Parsons niet perse zinvol, en van wat hij noemt ‘zogenaamde meesters’ moet hij al helemaal niets hebben, want er is niemand die een ander naar verlichting kan helpen. Leraren suggereren meestal dat ze uniek zijn en maken een volgeling afhankelijk, ze geven je absoluut niets en laten je hulpeloos achter. Ze voeden je eigen weerstand. Het leven is de enige leermeester en alles leidt naar ontwaken. Doe vooral geen moeite. De meest doeltreffende manier om maar niet wakker te hoeven worden is ernaar zoeken.

Er is veel verwarring ontstaan, vooral door onderricht uit het oosten. Mensen blijven op zoek naar zogenaamde spirituele ervaringen, het buitengewone. Ze hebben grote moeite om het goddelijke in het alledaagse te accepteren. Zoek een leraar die je niets biedt, geen hoop, geen methodiek, geen persoonlijk aanbod. Zoek iemand die al je geloofssystemen van tafel veegt, en die je altijd weer teruggooit in wat is, hier en nu. Wat we zijn heeft niets te maken met een verstild denken, egodood, loutering of al dat soort ideeën die we geleerd hebben over bepaalde toestanden waarin we zouden moeten verkeren. Dat soort onderricht heeft te maken met persoonlijke neigingen.

Verlichting is helemaal niet iets buitengewoons. Het is onze natuurlijke en alledaagse manier van zijn. Maar als je het vergelijkt met het gevoel van afgescheidenheid is ontwaken iets heel bijzonders. Het gevoel van vervreemding is opeens verdwenen. Je neemt alles op een andere manier waar. Alles wat ogenschijnlijk gebeurt bevat de uitnodiging, het maakt niet uit wat. Het enige dat in de weg zit, zijn onze intenties en onze verwachtingen. Het kan iedereen overkomen uit de droom te ontwaken, elk moment en ongeacht de situatie waarin hij of zij verkeert. Zelfs degenen die er totaal geen belangstelling voor hebben. Aldus Tony Parsons.

 
Nadenken over ‘leegte’ is heel belangrijk, heb ik gemerkt. Hebben boeddhisme en advaita vedanta toch meer in de aanbieding dan het moderne en snelle instant alternatief van Parsons? Of is zijn verhaal eenvoudiger en compacter, met bevrijding binnen handbereik? Bij herlezing van teksten van de oude religies lijkt er nu een boodschap achter de boodschap te zijn. En vaak wordt er kennelijk hetzelfde gezegd als bij Tony Parsons (maar minder bot).
  
 
Daar zuiver gewaar-zijn van het nu de ware Boeddha is,
Vond ik in openheid en tevredenheid de Lama in mijn hart.
Wanneer we beseffen dat deze oneindige natuurlijke geest het
wezen van de Lama is,
Dan is er geen reden voor drammerige gebeden of
sentimenteel geklaag.
Enkel door te ontspannen in deze ongekunstelde, open en
natuurlijke staat,
Verkrijgen we de zegen van spontane zelfbevrijding van wat
er maar opkom.  

                                                               Dudjom Rinpoche

 

Bron:
Zoals Het Is
Tony Parsons
Samsara 2009, 2e druk

donderdag 28 september 2023

De wereld van goden en geesten

Commentaar van C.G. Jung bij het Tibetaans Dodenboek  (4/5)
 
Vervolg van de vorige blogpost.
Omkeren in sidpa bardo kan niet, vanwege karma en risico’s. Jung geeft het toe. Ons doel is dus proberen het chöniyd bardo te begrijpen.

Dit is de bardo van dharmata, ‘de tussenstaat van de realiteit’. Een werkelijkheid van projecties uit de eigen verwarde gedachtenwereld. Hier wordt de overledene gekweld door gruwelvisioenen. Hij geeft zich over aan fantasie en verbeelding, niet geremd door de bewuste geest. De psychische restjes van het vorige leven vormen deze karmische illusie. En karma, daar heeft Jung niets mee. Een soort psychische erfelijkheidsleer uit ‘het Oosten’, gebaseerd op de hypothese van reïncarnatie. Onmogelijk te bewijzen, en wij (kennis en verstand) weten wel beter.

Vervolgens komt Jung met zijn archetypen van het collectieve onbewuste aanzetten, een bijzondere groep universele instellingen van de geest. 'Kenmerkende beelden', constructies van de fantasie, afgeleid van de meest transcendente emotionele momenten van de mensheid, en niet door familie of ras bepaald. Sommige ideeën zijn overal ter wereld hetzelfde, bijvoorbeeld ‘doden weten niet dat ze dood zijn’. Donald Lopez wijst erop dat Jung hier blijkbaar, in tegenstelling tot Evans-Wentz, geen historische beïnvloeding ziet tussen Griekse mysterie sekten en Aziatische yogi’s.


De chönyid toestand kun je vergelijken met een opzettelijk veroorzaakte psychose, waarschuwt Jung. En kijk ook maar uit met yoga, ‘met name de beruchte koendalini-yoga’. Dit punt maakt hij in bijna al zijn geschriften en commentaren over Azië. Vaak inclusief dezelfde culturele oost-west stereotypen, en dezelfde poging om "Oosters" bewustzijn te interpreteren in het licht van zijn theorie van het onbewuste. En ook nu weer probeert Jung Aziatische wijsheid in te lijven in zijn eigen psychologische theorie. Zelfverzekerd reduceert hij een complex religieus systeem, met een eigen lange traditie van exegese, naar zijn eigen psychologische systeem. Initiatie is psychoanalyse en “de wereld van goden en geesten is ‘alleen maar’ het collectief onbewuste binnen in mij”.

Volgende keer verder.


 

Voornaamste bronnen:
Psychologisch commentaar door Carl Gustav Jung
Het Tibetaanse Dodenboek
Walter Evans-Wentz
Ankh Hermes, 2017

Donald S. Lopez, Jr.
The Tibetan Book of the Dead; A Biography 
Princeton University Press, 2011

zondag 12 maart 2023

Karma Lingpa

In de achtste eeuw verborg Padmasambhava in Tibet een groot aantal visionaire leringen (terma’s), die later door tertönen werden teruggevonden. De verzameling teksten van de Grote Bevrijding door Horen in de Bardo (het latere Tibetaans Dodenboek) werd in de veertiende eeuw ontdekt door Karma Lingpa in een grot in de Gampo Dar berg in Centraal-Tibet. Tertönen worden beschouwd als reïncarnaties van Padmasambhava’s eigen leerlingen, die hij persoonlijk tantrische initiatie had verleend. Karma Lingpa werd, zoals voorspeld door Padmasambhava, rond 1350 geboren bij de tertön Nyida Sangye. Toen Karma Lingpa vijftien was, wilde hij zelf ook schatontdekker worden. 

Donald Lopez vermeldt in zijn boek dat de gereïncarneerde leerlingen ‘the mind of clear light’ moesten manifesteren, op de manier zoals dat eeuwen daarvoor aan hun voorgaande incarnatie was uitgelegd door Padmasambhava. Dat was noodzakelijk om de schat te kunnen vinden. Het Heldere Licht manifesteert zich op het sterfmoment, maar ook gedurende een orgasme. Daarom wordt de onthulling van een schat vaak vooraf gegaan door het praktiseren van seksuele yoga met de (eveneens voorbestemde) partner. Helaas was er in het geval van Karma Lingpa iets fout gegaan. Hij had de verkeerde vrouw gekozen, bij wie hij een zoon kreeg. Volgens één verslag ging zijn vrouw er met zijn bediende vandoor, en is Karma Lingpa later door haar vergiftigd.

Een behoorlijke mismatch dus! Toch was Karma Lingpa (geassisteerd door zijn vader) twee keer succesvol met het vinden van schatteksten op de Gampo Dar berg. De eerste vondst was getiteld: Peaceful and Wrathful Deities: Natural Liberation through [recognition of] Enlightened Intention. De tweede: the Great Compassionate One, the Peaceful and Wrathful Lotus. Hoewel Karma Lingpa zelf tot de Nyingma-traditie behoorde, waren al zijn leerlingen van de Kagyü-traditie. Hij heeft de lessen van de tweede tekst met hen gedeeld, maar de leringen van de eerste tekst beperkt tot slechts één student. Sommigen beweren dat hij ook nog een ingedikte versie van yoga leringen uit de schatteksten heeft gemaakt, getiteld Instruction on the Six Bardos. 


Bronnen: 
Francesca Fremantle en Chögyam Trungpa 
Het Tibetaans Dodenboek 
Servire, 1991

Robert A.F. Thurman 
Het Tibetaanse Dodenboek 
Altamira-Becht, tweede druk 2006

Donald S. Lopez, Jr. 
The Tibetan Book of the Dead; A Biography  
Princeton University Press, 2011

zondag 31 januari 2021

Bardo Thödol: voorlezen op het sterfmoment

Het Bardo Thödol is (eigenlijk) bedoeld voor “yogi’s met gemiddelde vermogens”. In de tekst wordt regelmatig verwezen naar yogabeoefening. Volgens de yogatheorie hebben wij, behalve een fysiek organisme, ook een pranisch lichaam. Dat is het totaal aan energie waardoor een mens bezield wordt.

Prana (basisenergie, levensenergie) stroomt door talloze fijne kanalen, die zich verenigen tot grotere vaten. Midden door het lichaam lopen de drie belangrijkste kanalen: het centrale energiekanaal, met rechts en links een kanaal voor respectievelijk positieve en negatieve krachten. Met negatief wordt hier bedoeld: vormgevend (maar dus ook beperkend). De positieve energie is creatief en tegelijk verwoestend. Als deze beide krachten zich aan het uiteinde van hun kanalen verenigen, en de dualiteit van positief en negatief is versmolten tot één geheel, ontstaat er een  soort flauwe afspiegeling van het heldere licht. De nu gevormde oerkracht stijgt door het centrale kanaal omhoog. Er zijn bepaalde meditatietechieken waarbij een yogi die vitale stroom, het slangenvuur (kundalini), naar buiten kan laten breken.

Iets dergelijks gebeurt ook op het sterfmoment. Daarom is het van groot belang dat de instructies van het Bardo Thödol op het juiste tijdstip voorgelezen worden. De tekst hamert er op dat dit nauwkeurig gebeurt, ‘in de periode tussen het ophouden van het ademen, en het tot stilstand komen van de polsslag in de aderen’. Want juist op dat moment gebeurt er van alles met het fysiek organisme en met het pranisch lichaam.

Als de uiterlijke ademhaling stopt, lost de prana op in het centrale energiekanaal en straalt de helderheid (het heldere licht) ‘duidelijk en vrij van verwikkelingen’ in het bewustzijn. De ‘innerlijke adem’ blijft nu ongeveer ‘even lang als het duurt om een maaltijd te eten’ binnen in het centrale energiekanaal. NU moet het voorlezen plaatsvinden, voordat de prana wordt omgekeerd en door het rechter of linker energiekanaal ontsnapt, waardoor de bardostaat zich plotseling voordoet, en de visioenen van de bardo uitnodigend opkomen.

Het Bardo Thödol adviseert op dit punt een nogal krachtdadig hulpmiddel om de samenvloeiing van positieve en negatieve krachten doelbewust te sturen. Als de ademhaling stopt, wordt de stervende in leeuwhouding (met rechterzijde op de grond) gelegd, en de twee kloppende aderen in de hals worden dichtgedrukt. Zo wordt de bloedtoevoer naar de hersenen en daarmee de zuurstoftoevoer geblokkeerd, en de dood op milde wijze bespoedigd. Angstige gedachten stoppen, en de stervende wordt helder. Hij kan nu bewust de levensstroom laten ontsnappen. In plaats van omkeren in het centrale energiekanaal, zal de prana nu via de brahma-opening (fontanelopening vooraan de kruin van het hoofd) naar buiten gaan. De ziel, die in deze levensdruppel van subtiele energie is belichaamd, wordt op dezelfde manier uitgeworpen als in de beoefening van phowa.

 

Bronnen:  
Francesca Fremantle en Chögyam Trungpa  
Het Tibetaans Dodenboek  
Servire, 1991 
 
Robert A.F. Thurman  
Het Tibetaanse Dodenboek  
Altamira-Becht,  2006 
 
Ilse Dorren  
Tocht door twee werelden; Gids voor het Tibetaanse Dodenboek  
Mirananda, 1985

maandag 28 januari 2019

Jivatman

In een vorige blogpost had ik het over Aristoteles. Hij was van mening dat de ziel het lichaam vormgeeft en realiseert, en niet andersom. Een interessant uitgangspunt dat je bijvoorbeeld ook tegenkomt in het hindoeïsme. De Belgische yogaleraar André Van Lysebeth (1919-2004) legt het heel mooi en helder uit in zijn boek Pranayama; De dynamiek der ademhaling. Van deze uitleg geef ik hieronder een korte samenvatting met de punten die voor dit blog van belang zijn. Ik hoop dat ik het ingewikkelde onderwerp en het verhaal van Van Lysebeth hiermee niet te kort doe.

In het hindoeïsme is de mens niet een lichaam en een ziel, het is een ziel die uit zichzelf een lichaam heeft gemaakt. De ziel zit vast in de eeuwige rondgang van achtereenvolgende geboorten en dood en herneemt telkens weer het contact met de materie, als haar lichamelijke instrumenten in de dood zijn opgelost. Deze Indiase gedachtegang stelt zich tegenover het westerse wetenschappelijke denken. Volgens de Indiase yogi’s en denkers zijn de hersenen bijvoorbeeld alleen maar het instrument voor ons zielenleven en bevinden deze zich in ons mentale lichaam en niet omgekeerd.

Volgens denkers en wijzen van India bestaat de mens uit lagen, van de allersubtielste staat van zijn, tot aan de manifestatie van de grootste dichtheid: het zichtbare lichaam. Elke laag heet een kosha. De mens wordt beschouwd als een ondeelbaar en onontbindbaar geheel, er is geen scheiding tussen de diverse kosha’s.

Waar ligt de oorsprong? De dichtere lagen hebben hun oorsprong in de aller-subtielste lagen, welke causaal zijn ten opzichte van de dichtere lagen. Onze causale zaal, onze diepst gelegen kosha, de oorsprong, oorzaak van alle andere lagen is Anandamaya Kosha. Deze wordt gekenmerkt door de absolute gelukzaligheid (ananda) die Jivatman als een aureool omgeeft.

Jivatman is de individuele ziel, onze essentie zelf. Het is het Zelf van de mens. De in-wezenlijke Getuige en Bouwheer, verborgen door alle andere lagen, in het diepst van ons wezen. Zijn aard is het zuiver, louter bewustzijn. Anandamaya Kosha is buiten tijd ruimte. Jivatman bevindt zich buiten het gebeuren en de paren van tegenstellingen, de dualiteit.

In zijn dynamisch materieel proces schept Jivatman, de individuele ziel, zich eerst een individueel middelpunt en ondergaat het een eerste verdichting (densificatie): Vijnanamaya Kosha. Deze kosha omhult het begrip ahamkara (het ik-besef). Het is het zelf (met kleine letter) van de moderne psychologie. Het is dit geheimzinnig vermogen dat me bewust doet worden dat ‘ik’ een individu ben, een middelpunt van bewustzijn, afgescheiden van de anderen. Het is het begrip van de individualisatie.

Het ‘ik’ is het middelpunt waar alles om draait, waar alle ervaringen van het leven betrekking op hebben, zoals de spaken van een wiel draaien om hun as. Om deze spil vormen zich vervolgens de diverse kosha’s, die elkaar ook wederkerig doordringen. De diverse kosha’s zijn evenzoveel ‘gebieden van bewustzijn’ van de mens. Ze bewegen zich dooreen, ze stapelen zich op elkaar, ze werken onderling op elkaar in, maar zonder zich met elkaar te vermengen.

Eerst de achtereenvolgende subtiele lagen en dan uiteindelijk de dichtste laag van de mens: Annamaya Kosha. Deze kosha is inert, grondstoffelijk en dicht. Het is het instrument van handeling en manifestatie van de hogere lagen. Annamaya Kosha is de enige kosha waarin alle andere kosha’s elkaar ontmoeten. Zonder dit stoffelijk lichaam zou de manifestatie van de mens op het aardse vlak onmogelijk zijn. Het is doordrongen, doordrenkt door het zielenleven waarvan het de expressie is.

Het doel van yoga is Annamaya Kosha zo volmaakt mogelijk te maken en te vergeestelijken.


André Van Lysebeth

bron en citaten:

Pranayama; De dynamiek der ademhaling
André Van Lysebeth
Ankh-Hermes, 1973

vrijdag 15 juni 2018

Het Heldere Licht, energie en bewustzijn (1)

"Een vloeiende, vibrerende wereld van geluid, licht, kleur."

Als ik deze omschrijving van de bardo’s lees, verbaast het me niets dat de link met een LSD trip soms snel gelegd wordt. “Alles is energie”, dat is wel een aanslag op het voorstellingsvermogen van de gemiddelde geïnteresseerde leek. En het staat heel ver af van wat we in het dagelijks leven meemaken.

Maar is dat wel zo? Ook in de natuurkunde wordt aangetoond dat materie uiteindelijk een zee van energie en licht is, “gecondenseerd bevroren licht”. Energie is het potentieel voor alles. Pim van Lommel vertelde in een interview (Prana 135) over een standpunt dat panpsychisme heet. Daarin zijn “geest en materie twee kanten van het zelfde sleutelbegrip: energie. Alles is energie.”

Zichtbare energie en zuiverheid in de vorm van licht spelen in veel spirituele stelsels wereldwijd een belangrijke rol. In verhalen over en voorstellingen van het hiernamaals is vaak sprake van prachtig en ongewoon licht. Ook het Heldere Licht dat slechts één ogenblik lang daagt op het moment van de dood is hier een voorbeeld van. Hoewel juist dit speciale licht een geval apart is en je het zeker niet moet verwarren met de schitterende lichtervaringen die zich in de volgende bardo ontvouwen. (*1)

Behalve lichten en kleuren kun je in de bardo’s ook geconfronteerd worden met angstwekkende geluiden (trilling is ook energie). Bijvoorbeeld op de zevende dag die een nieuwe fase inluidt. “Op dat tijdstip verschijnen de Lotusgoden, ook wel genoemd: de kennisdragende godheden. Voor honderd procent vriendelijk zijn ze al niet meer, want het ‘natuurlijke geluid van de waarheid zal als duizend donders weerklinken’en de overledene hoort dreigende kreten.” (*2)

Over indrukwekkende geluidservaringen las ik eerder in een verslag van iemand die laya yoga (kundalini yoga) beoefent. Dit is een tak van yoga waarbij energie een grote rol speelt. Deze yogi beleefde na 17 jaar mediteren de opstijging van kundalini energie in zijn subtiel lichaam. Het gevolg was, naast een toestand van opperste verrukking en een heftige uittredingservaring in een overvloed aan helder licht, het waarnemen van een “steeds luider en luider bulderen”. Daarna is deze man jarenlang zeer ernstig ziek geweest.(*3)

Licht kan dus gebruikt worden als beeldspraak voor energie, maar staat ook voor een bepaald niveau van geest of bewustzijn. Daarover meer in deel twee (slot) van deze blogpost  HIER.


Bronnen:
(*1) Het Tibetaanse boek van leven en sterven"
       Sogyal Rinpoche
       Servire 1996, vijfde druk

(*2) Tocht door twee werelden; Gids voor het Tibetaanse Dodenboek
       Ilse Dorren
       Mirananda, 1985

(*3) Aspecten van yoga
       Vivian Worthington
       Aura, Het Spectrum 1990