Posts tonen met het label materie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label materie. Alle posts tonen

zaterdag 6 juni 2026

Dharma’s

Nagarjuna 10 
 
De ‘werkelijkheid’ bestaat uit een aaneenschakeling van losse momenten.
Alle dharma's (fenomenen) bestaan tegelijk in het verleden, heden en de toekomst. De essentie van de werkelijkheid is permanent, zelfs als verschijnselen veranderen. Dat is de mening van de Sarvastivadins, een boeddhistische stroming waar Nagarjuna zich speciaal tot richt. In de vorige blogpost kwamen ze ter sprake.

Die drie genoemde dharmas bestaan op één manier tegelijk, maar het zijn geen identieke kopieën, ze verschillen per tijdspositie. Alles bestaat maar héél even (momentariteit) en verandert continu, alles ontstaat en vergaat onmiddellijk. Er is geen blijvende essentie of continuïteit tussen verleden, heden en toekomst. Een dharma volgt wel direct uit de voorgaande dharma, maar volgens het principe van afhankelijk ontstaan. Dus gebeurtenissen voorafgaand aan de dharma ‘van nu’ hebben geen invloed meer, en er wordt ook niet vooruitgelopen op hiernavolgende gebeurtenissen.

Deze uitgangspunten leveren wel problemen op. Bijvoorbeeld karma zou niet kunnen bestaan. En je eigen emoties observeren kan ook niet. Observatie en emotie spelen zich beiden in je eigen hoofd af en kunnen niet tegelijkertijd plaatsvinden. Daar werd het volgende op gevonden. Naast de dharma ‘van nu’ (het heden) bestaan er ook dharma’s uit het niet-heden, dus verleden en toekomst (andere scholen namelijk verwierpen dat). En dat maakt dan weer oorzakelijke samenhang en karmische verantwoording mogelijk. Een handeling in het verleden (een dharma) blijft “aanwezig” als opgeslagen karmisch potentieel. En een toekomstig potentieel kan al een bepaalde stemming of opvatting veroorzaken (zijn schaduw vooruit werpen!).

Een interessant, maar ook merkwaardig en ingewikkeld verhaal. Er wordt wel een soort tijdlijn geïntroduceerd, maar verleden – heden – toekomst beïnvloeden elkaar niet. Geen oorzaak en gevolg hier. Toch zijn er eventuele karmische gevolgen. En de toekomst, ligt die vast?


Helaas besteedt Eric Hoogcarspel in zijn inleiding niet veel aandacht aan de Sarvastivadins. Misschien komt dat later nog? Bij vers 3 vermeldt hij dat ze een dualistisch wereldbeeld hebben, waarin geest en materie absoluut verschillend zijn. En daarom kan materie niet iets geestelijks veroorzaken. Dat vind ik interessant, want zegt Spinoza dat ook niet? De ‘attributen’ materie en geest, waarmee de enige substantie (God) zich uitdrukt in eindeloos veel ‘modi’, gaan parallel aan elkaar, maar kunnen elkaar niet beïnvloeden. Het zijn twee kanten van dezelfde zaak (God), één en dezelfde substantie, maar dan vanuit verschillende standpunten gezien (dus hier géén dualiteit!). Gods denken is gelijk aan zijn handelen, alles wat op gebied van de materie gebeurt heeft z’n parallel op het gebied van de geest (en omgekeerd).
 
 
 
 
Bronnen:
diversen op internet
 
Jan Knol
En je zult spinazie eten
Wereldbibliotheek 2016, tiende druk
 
Nagarjuna
Grondregels van de filosofie van het midden
Vertaling en commentaar: Erik Hoogcarspel
Olive Press, 2005

maandag 10 november 2025

Frozen sky

Wij zijn sterrenstof. Letterlijk. Destijds al een bekende hippie slogan (denk aan Crosby Stills Nash & Young), maar hij komt ook nu nog vaak voorbij. In de vorige blogpost bijvoorbeeld, benadrukt sterrenkundige Margot Brouwer het feit dat wij gemaakt zijn van atomen die gesmeed zijn in het centrum van sterren. Voor Margot een basis voor inzicht en troost en een demping van haar (doods)angsten.

In een andere aflevering van dezelfde podcastserie (De Verwondering) kwam de dichter Ingmar Heytze aan het woord. Ook hij wordt geplaagd door vele angsten, die hij bestrijdt met een mooie en (voor hem) troostrijke gedachte: wij zijn niet alleen maar stof, maar op de een of andere manier ook van licht. Mooi gezegd, zelf zou ik het energie noemen.


En Jonathan Richman heeft weer een andere metafoor. Op de titeltrack van zijn nieuwe album zingt deze leeftijdloze rock’n’roll optimist “I was only just frozen sky anyway”. Uncut magazine vroeg hem om deze beeldspraak nader toe te lichten. Het komt uit de poetry van de Indiase guru Paramahansa Yogananda (1893-1952), vertelt Richman. Die schreef: “I am the vast blue ocean of sky… frozen sky…” Naar het schijnt was een vriend van hem net overleden en Yogananda reageerde met dit gedicht om aan te geven dat dood alleen een verandering is, van de ene manier van zijn in het universum naar een andere.

Dat is wel een beetje kort door de bocht van Jonathan. Het betreffende citaat komt uit een gezang van Yogananda, een meditatie over het identificeren van het zelf met het oneindige (gesymboliseerd door de sky). "I am a little drop of the sky — frozen sky" suggereert dat individueel bewustzijn (de “druppel”) een manifestatie van het goddelijke is, en een deeltje van de onmetelijke onstoffelijke realiteit. Een deeltje dat vanwege onze beperkte zienswijze vast lijkt te zijn (“bevroren”).

Pas toen de hele elpee af was en Jonathan Richman al het materiaal gehoord had, realiseerde hij zich dat dit album een thema heeft, namelijk (de) dood. En dat terwijl heel veel van zijn songs juist over jeugdigheid en levensgenieten gaan, merkt Uncut nog op. Klopt, zegt Richman, maar er is niks mis met contrast. Het zal ook de ‘ouwe dag’ wel zijn, vermoed ik. Jonathan is ook al weer 74.

 
bron: uncut 345, 2025
 

maandag 3 november 2025

Sterrenstof en Spinoza

In podcastserie De Verwondering had Annemiek Schrijver een interview met sterrenkundige Margot Brouwer (1989), die haar kennis over het universum (wetenschap) combineert met filosofie en zingeving. Wij zijn sterrenstof. Wij zijn gemaakt van atomen die gesmeed zijn in het centrum van sterren.

Brouwer worstelde jarenlang met een verlammende doodsangst , die al begon in haar vroege jeugd. Ze groeide op in een christelijk gezin en kreeg het benauwd bij het idee van eeuwige duisternis. Hoe lang duurt dood zijn en de eeuwigheid, vroeg zij zich af. In feite werd de keuze voor haar studie sterrenkunde en natuurkunde ingegeven door deze angsten. Zij wilde antwoorden op haar vragen. Waar komen we echt vandaan, hoe is het universum ontstaan, de aarde, en hoe gaat het uiteindelijk verder? Margot belandde in een wereldbeeld dat heel ver afstond van haar geloof als kind. De oerknal, het ontstaan van de sterren, de aarde, de evolutie vanaf eencelligen tot de mens. Allemaal toevallig zo ontstaan, het is gewoon. De wetenschap leek haar angsten te bevestigen: er is geen zin en na de dood is er niets. De feiten hielpen niet haar gevoel van eenzaamheid op te heffen.

Het kantelpunt kwam toen ze naast haar wetenschappelijk werk de filosofie van Spinoza ging lezen, daardoor werd haar belevingswereld weer geopend en kon ze de natuurwetenschap gaan gebruiken om alsnog haar existentiële vragen te beantwoorden. Spinoza ziet God niet als iets dat buiten het universum bestaat (een mensachtige god die het universum heeft gemaakt), maar ziet God als het universum of heelal zelf, en wij zijn daar een onderdeel van, een onderdeel van God. Deze pantheïstische visie opende voor Margot de deur van de wetenschap naar filosofie en mystiek, o.a. de advaita (non-dualiteit). Ook Einstein wordt genoemd als bewonderaar van Spinoza. Wij staan niet los van alles, maar zijn er een integraal onderdeel van. De mens ervaart zichzelf en zijn gedachten en gevoelens als afgescheiden van de rest. Een soort optische illusie van het bewustzijn. Een waanbeeld dat werkt als gevangenis.

Margot ruilt haar psychiater in voor de spirituele lerares Unmani (die, zo lees ik op haar website, o.a. geïnspireerd is door Tony Parsons) en leert het leven in het hier en nu te aanvaarden. Zij ziet nu in dat het allemaal gedachten waren, gebaseerd op het idee dat ze op een soort tijdlijn leeft. Allemaal gedachten die je nu hebt, nu op dit moment. Vertrouw er niet op dat die allemaal waar zijn, maar vertrouw alleen op wat je nu direct weet, dan is er eigenlijk alleen maar dit moment. Je bent alleen maar hier en nu. Het enige moment waarop je kunt zijn is nu. Dat betekent dus dat je helemaal niet bang hoeft te zijn voor de dood, omdat er nooit een nu zal zijn waarin je dood bent. Margot werd bevrijd van haar angst. En ‘zonder doodsangst’, zegt ze, ‘is er meer ruimte voor compassie’.

Dit is het ultieme wetenschappelijke experiment, vindt Margot. Het enige wat ze kan weten is dat ze dit moment is en dat ze in dit moment is, dat is volgens haar God. De tijd gaat niet voorbij, zegt Einstein, dus het is als een dimensie, het is als ruimte, het bestaat allemaal tegelijkertijd. Er is dus altijd een plekje in de tijd waar je bent. Die ene uiting van God, namelijk jij. Als je dat beseft, dat je niet bang hoeft te zijn voor de dood, dan kun je ook je eigen belang iets losser vasthouden en dan kun je leven met minder angst. Dus je eigen identiteit misschien ook wat minder serieus nemen, want ook die verandert. (Leegte!) Eigenlijk is de hele persoon die ik denk te zijn helemaal gebaseerd op ideeën en herinneringen.

Margot vindt nu dat ze het christendom waarmee ze opgegroeid is, te letterlijk nam en ziet de meer symbolische betekenis van al die oude teksten. Ze gaat ook weer naar de kerk.

zondag 28 april 2024

Wat is leven?

In 2014 verscheen Wat is leven?; Queeste van een bioloog, door Arjen Mulder (1955). Het is het relaas van een persoonlijk zoektocht, die in gang werd gezet door de dood van zijn vader en de geboorte van zijn zoon. Veel namedropping hier. Mulder voert filosofen, geleerden, ontdekkingsreizigers, schrijvers en geliefden op om mogelijke antwoorden te krijgen. Het resultaat is zijn verslag van hoe het is om mens te zijn, en je leven te delen met planten en dieren en natuurlijk de medemens.

Biologie wordt doorgaans ingedeeld bij de exacte vakken, maar voor Mulder is het net zo goed een geesteswetenschap. Niet omdat het leven in diepste wezen een psychisch proces zou zijn, en alles wat leeft bezield met bewustzijn, maar omdat er zonder leven geen ziel is. En ook geen bewustzijn, intelligentie, gevoel of intuïtie. Mulder vindt leven een proces waarin de materie geest voorbrengt, en zichzelf slimmer, gevoeliger en bewuster maakt. Het is datgene in ons wat voorkomt dat we ‘samenvallen met onszelf’, het besef (en ook wel illusie, vindt Mulder) dat je meer bent dan jezelf alleen. Er is ook nog de buitenwereld, het ‘elders dan in jezelf’, waar je kunt zijn dankzij het vermogen dat leven is. Je bent waar je blik zich bevindt, waar je oog op gericht is. En kijken doe je met meer dan je blik alleen. De fundamentele gerichtheid op elders noemt hij de ziel.

Het boek begint met bespiegelingen over de dood. Mulder heeft bijvoorbeeld grote achterdocht wat betreft bijna-doodervaringen, volgens hem een gevaarlijke valstrik van de natuur. Hij beschrijft het sterfbed van zijn vader, en de familie daaromheen. Hoe zij toekijken hoe lichaam en gezicht van de stervende  langzaam in zichzelf wegzakken. “Leven is blijkbaar iets dat je naar buiten doet, het geeft je lichaam volume, je poriën staan ervan open, het houdt je in verbinding met dat wat je zelf niet bent. Als je doodgaat word je wat je achteraf gezien de hele tijd al was. Materie.” Ademen vindt hij ook maar een materieel proces, de verplaatsing van luchtmoleculen van buiten het lichaam naar binnen en weer terug. Het maakt je lichaam niet groter dan het is, want dat doet je leven. Mulder noemt vaak de dingen die het leven doet of mogelijk maakt, maar wat is dan leven? Via het boek van Arjen Mulder zul je er niet achter komen. Het meest interessant vind ik zelf het korte interview met Francisco Varela over het Nu. Misschien later meer daarover.
 
 
 
Arjen Mulder
Wat is leven?; Queeste van een bioloog
Arbeiderspers, 2014

maandag 25 maart 2024

Herinnering aan vorige levens

In het boek Living Buddha (1995) van Clemens Kuby staan enkele interviews met de dalai lama, waarin hij ingaat op onderwerpen als reïncarnatie en tulku’s (meesters die vrijwillig reïncarneren). De dalai lama legt uit dat er verschillende niveaus van geest zijn, zowel grof als uiterst subtiel (‘zuiver licht’), en dat alles een oorzaak heeft, ook de geest. Die reeks oorzaken kun je tot in het verleden herleiden. Er is een continuïteit van situaties die doorloopt tot de geboorte en daarvoor. De geest heeft geen begin en geen einde, en reïncarnatie is een eindeloze keten van opeenvolgende en aangesloten wedergeboorten.

Gerekend naar deze continuïteit zijn wij en alle andere levende wezens oeroud, maar doorgaans vinden wij alleen ons vergankelijke lichaam maatgevend, de leeftijd tussen geboorte en dood. Visie en karakter uit eventuele vorige levens zijn al helemaal niet in beeld. De grove geest is nu eenmaal nauw verbonden met het fysieke lichaam. En hoe meer we ons daar op oriënteren, des te minder kunnen wij heldere herinneringen hebben aan vorige levens. We zijn sterk op de materie gericht, maar zouden moeten leren onafhankelijk van dit lichaam te zijn. Alleen dan kunnen we met de ongelimiteerde kracht van de geest leren werken, met herinneringen aan vorige levens, maar ook een bewuste reïncarnatie.

Toch nemen wij meestal onbewust (en ieder volgens zijn karma) een nieuw lichaam aan. Onze geest is ‘gestempeld’ door dit lichaam en wordt al vanaf het begin alleen in samenhang daarmee getraind. Daardoor kan ze niets anders bevatten. Via meditatie kunnen we de subtiele geest wakker maken, en ook de paden voor herinneringen aan subtielere zijnstoestanden. De eerste voorwaarde is het bereiken van volledige concentratie (shamatha). Vervolgens moeten we een verbinding scheppen tussen shamata en inzicht in de eigenlijke (geestelijke) werkelijkheid, om zo het ‘hogere inzicht’ (prajna) te bereiken. Aldus de dalai lama.

Volop herinneringen aan vorige levens bij de Boeddha. In de nacht, waarin hij verlichting bereikte, zou hij verschillende stadia van ontwaken hebben doorgemaakt. In het eerste stadium was zijn geest ‘geconcentreerd en gezuiverd, vrij van onreinheden, verzacht, praktisch en onbeweeglijk’ en richtte hij zijn aandacht op de herinnering aan zijn vorige levens. In Dagend inzicht van Sogyal Rinpoche citeert hij de Boeddha:

“Ik herinnerde mij vele vorige levens: één, twee, drie, vier, vijf geboortes… vijftig, honderd… honderdduizend, in allerlei tijdperken. Ik wist alles over deze geboortes: waar ze hadden plaatsgevonden en in welk gezin, hoe ik heette, en wat ik had gedaan. Ik beleefde het geluk en ongeluk van elk leven en elke dood weer opnieuw, en kwam steeds opnieuw tot leven. Op deze manier herinnerde ik mij talloze vorige levens, exact met al hun eigenaardigheden en omstandigheden. Deze kennis vergaarde ik in de eerste uren van die nacht.”

 
 
Bronnen:
Living Buddha
Clemens Kuby en Ulli Olvedi
Osho  Publikaties, 1995
 
Dagend inzicht
Sogyal Rinpoche
Servire, 1995

vrijdag 16 september 2022

Oorsprong en bewustzijn

Stel, reïncarnatie bestaat. Je bent overleden, en je ‘ziel’ heeft een tijdje rondgehangen in de tussenstaat, tussen twee opeenvolgende levens in. Op welk moment treedt dit bewustzijn dan het nieuwe lichaam binnen? Deze interessante vraag was het onderwerp van een vorige blogpost. Reïncarnatie lijkt een eindeloze keten opeenvolgende en aangesloten wedergeboorten te zijn, wanneer en hoe is deze reeks ooit gestart? 
 
Het boeddhisme gaat uit van universele oorzakelijkheid. Hier geen goddelijke schepper of zelf-geschapen wezens. Alles is aan oorzaken en omstandigheden onderhevig. Oorzaken en omstandigheden die verandering tot gevolg kunnen hebben, maar ook een ontstaan van iets. Dus ook de geest, of het bewustzijn ontstaat (verandert) als een resultaat van de voorafgaande ogenblikken. De continuïteit van bewustzijn wordt (mede) mogelijk gemaakt door achtereenvolgende wedergeboorten. Dit is, in het kort, de boeddhistische variant van reïncarnatie.
 
Continuïteit van bewustzijn dus, en niet een ziel of ego. Geen onafhankelijke en onveranderlijke entiteit dat de dood van het lichaam overleeft, maar het meest subtiele niveau van bewustzijn. Een soort gestripte versie van de persoon die jij was, gebaseerd op je meest hardnekkige ingekerfde neigingen. De onfeilbare natuurwet van oorzaak en gevolg, karma, is de stuwende kracht achter de wedergeboorten. En jouw karma bepaalt of die gunstig of juist lastig zal uitpakken. Niks lot of voorbeschikking dus. Sterker nog, de toekomst ligt in jouw handen. Want als alles wat je nu doet of denkt een evenredig gevolg zal hebben, biedt dat natuurlijk ook mogelijkheden, een kans tot creëren en veranderen.

Bewustzijn ontstaat dus via het moment van bewustzijn dat er onmiddellijk aan voorafging. Maar waar komt het uiteindelijk vandaan? De Dalai Lama probeert het uit te leggen door eerst de stoffelijke wereld als voorbeeld te nemen. Alle elementen in het universum kunnen herleid worden naar een oorsprong, een startpunt, waar ze gecomprimeerd zijn tot ruimte-deeltjes. En die zijn op hun beurt weer het gevolg van het uiteenvallen van een vorig universum. Enzovoort. Het is een voortdurend ontwikkelen, uiteenvallen en weer terugkeren. Vergelijkbaar, inderdaad, met onze geest of bewustzijn. Het is de aard van de geest om ieder moment te veranderen. Als je ons huidige bewustzijn herleidt, merk je dat je de oorsprong van de continuïteit van bewustzijn, net als de oorsprong van het stoffelijk universum, tot in een eindeloze dimensie terugvolgt. Het is zonder begin. Lijkt het.

Er zijn verschillende niveaus van bewustzijn. De meer grove niveaus zijn verbonden met fysiologische processen in het lichaam, er van afhankelijk zelfs. Maar wat is nu de basis? Welke energie of oorsprong stelt de geest in staat, in interactie met stoffelijke deeltjes, levende wezens met bewustzijn voort te brengen?

Lichaam en geest beïnvloeden elkaar, maar de een kan niet de substantie (het materiaal) van de ander worden. Geest en materie zijn van elkaar afhankelijk, maar kunnen niet als substantiële oorzaken voor elkaar dienen. Het uiterste subtielste niveau van bewustzijn verschaft de continuïteit tussen levens en is het uiteindelijke scheppende principe. Dit meest subtiele bewustzijn, het Heldere Licht, is altijd aanwezig. De continuïteit ervan lijkt bijna iets blijvends, vergelijkbaar met die ruimte-deeltjes. Wat op het terrein van de materie de ruimte-deeltjes zijn, is op het terrein van bewustzijn het Heldere Licht. Deze bijzondere energie is de verbinding met het bewustzijn, het is er de oorsprong van, en zo uiteindelijk ook van leven.

Het Bardo Thödol leert dat op het moment van sterven dit zuivere Heldere Licht voor je straalt. Alles wat de verlichte geest tijdens het leven heeft verduisterd valt weg, en er is niets meer dat onze ware natuur verhult. Eén ogenblik verblijft je bewustzijn nu in deze uitgestrekte massa van licht. Je bent vrij van geboorte of sterven. Het is voldoende dit alles te herkennen! Het ogenblik van de dood is een geweldige gelegenheid, als je goed begrijpt wat er gebeurt en je er tijdens je leven goed op hebt voorbereid. Want op dit moment lost je denkende egogeest weer op in de essentie (het Heldere Licht) en vindt bevrijding en verlichting plaats.

In een volgende blogpost meer over het ontstaan van zelf-bewustzijn en dualiteit.

 

 

Bronnen: 
Het Tibetaanse boek van leven en sterven 
Sogyal Rinpoche 
Servire, vijfde druk 1996 
 
Dagend Inzicht 
Sogyal Rinpoche 
Servire, 1995

Lezing Dalai Lama, New York 1991

vrijdag 15 juni 2018

Het Heldere Licht, energie en bewustzijn (1)

"Een vloeiende, vibrerende wereld van geluid, licht, kleur."

Als ik deze omschrijving van de bardo’s lees, verbaast het me niets dat de link met een LSD trip soms snel gelegd wordt. “Alles is energie”, dat is wel een aanslag op het voorstellingsvermogen van de gemiddelde geïnteresseerde leek. En het staat heel ver af van wat we in het dagelijks leven meemaken.

Maar is dat wel zo? Ook in de natuurkunde wordt aangetoond dat materie uiteindelijk een zee van energie en licht is, “gecondenseerd bevroren licht”. Energie is het potentieel voor alles. Pim van Lommel vertelde in een interview (Prana 135) over een standpunt dat panpsychisme heet. Daarin zijn “geest en materie twee kanten van het zelfde sleutelbegrip: energie. Alles is energie.”

Zichtbare energie en zuiverheid in de vorm van licht spelen in veel spirituele stelsels wereldwijd een belangrijke rol. In verhalen over en voorstellingen van het hiernamaals is vaak sprake van prachtig en ongewoon licht. Ook het Heldere Licht dat slechts één ogenblik lang daagt op het moment van de dood is hier een voorbeeld van. Hoewel juist dit speciale licht een geval apart is en je het zeker niet moet verwarren met de schitterende lichtervaringen die zich in de volgende bardo ontvouwen. (*1)

Behalve lichten en kleuren kun je in de bardo’s ook geconfronteerd worden met angstwekkende geluiden (trilling is ook energie). Bijvoorbeeld op de zevende dag die een nieuwe fase inluidt. “Op dat tijdstip verschijnen de Lotusgoden, ook wel genoemd: de kennisdragende godheden. Voor honderd procent vriendelijk zijn ze al niet meer, want het ‘natuurlijke geluid van de waarheid zal als duizend donders weerklinken’en de overledene hoort dreigende kreten.” (*2)

Over indrukwekkende geluidservaringen las ik eerder in een verslag van iemand die laya yoga (kundalini yoga) beoefent. Dit is een tak van yoga waarbij energie een grote rol speelt. Deze yogi beleefde na 17 jaar mediteren de opstijging van kundalini energie in zijn subtiel lichaam. Het gevolg was, naast een toestand van opperste verrukking en een heftige uittredingservaring in een overvloed aan helder licht, het waarnemen van een “steeds luider en luider bulderen”. Daarna is deze man jarenlang zeer ernstig ziek geweest.(*3)

Licht kan dus gebruikt worden als beeldspraak voor energie, maar staat ook voor een bepaald niveau van geest of bewustzijn. Daarover meer in deel twee (slot) van deze blogpost  HIER.


Bronnen:
(*1) Het Tibetaanse boek van leven en sterven"
       Sogyal Rinpoche
       Servire 1996, vijfde druk

(*2) Tocht door twee werelden; Gids voor het Tibetaanse Dodenboek
       Ilse Dorren
       Mirananda, 1985

(*3) Aspecten van yoga
       Vivian Worthington
       Aura, Het Spectrum 1990