Posts tonen met het label waarneming. Alle posts tonen
Posts tonen met het label waarneming. Alle posts tonen

zondag 26 juli 2026

Kies NIET

Liquid Days 4 (slot)

(vervolg van vorige blogpost)

En hier sluit Jo Marchant haar artikel in de New Scientist af, maakt de cirkel rond en brengt ons weer terug naar het idee van NU. Bij de QBists en enactivisten geen realiteit die lang geleden in één oerknal is gecreëerd en vervolgens losgelaten. Het komt voortdurend tot stand, zoals Wheeler ooit al suggereerde, “in miljarden en miljarden” kleine scheppende flitsen die overal om ons heen resoneren. Dit is een visie waarin we niet simpelweg realiteit observeren, maar er in ondergedompeld zijn. Door onze keuzes en acties, van moment tot moment, beïnvloeden we wat bestaat en wat daarna komt.

Een zeer interessant artikel dat, zoals gezegd, mooi aansluit bij de blogposts over Nagarjuna, veel stof tot nadenken geeft en tegelijk weer allerlei vragen oproept. Niet alleen over oorzaak en gevolg en leegte bijvoorbeeld, maar ook met betrekking tot het creëren van een persoonlijke hemel, het eventueel praktisch nut van manifesteren, het afkloppen van voorspoed en bezwerend zwijgen over mogelijke tegenspoed. En is er dan toch zoiets als vrije wil? Of juist niet? Bovendien lijkt het er op dat (net als in het ‘gewone’ dagelijks leven) de denkbeelden en het handelen van de een onherroepelijk ten koste gaan van de ander.

En (dit is tenslotte het bardoblog!) wat zegt het Bardo Thödol over persoonlijke zienswijzen, keuzes en het creëren van ‘realiteit’? De teksten staan vol met keuzemogelijkheden op allerlei momenten. In een blogpost van lang geleden over de zes bestaanswerelden bijvoorbeeld, kun je lezen hoe in de bardo van dharmata de dualiteit (weer) haar intrede doet. Bij de overledene ontwikkelt zich de een of andere fundamentele neiging om iets vast te grijpen, en daaruit ontstaat de ervaring van de zes rijken van de wereld. Er komen negatieve emoties op, die zich verharden tot de verschillende (‘gekleurde’) waarnemingen die samen de zes illusoire rijken van de wereld (samsara) creëren, die ons gevangen houden in de kringloop van geboorte en dood. Tijdens deze visionaire ervaringen verschijnt elk rijk samen met zijn tegenhanger (een van de dhyani-boeddha’s), die de overledene dan de mogelijkheid biedt om die speciale dwangvoorstelling los te laten en op te houden met zich vastklampen aan een vals veiligheidsgevoel, maar juist op te lossen in de overeenkomstige manifestatie van wijsheid. Helaas worden we meestal instinctief naar de zwakke lichten van die zes bestaanswerelden toegetrokken. Onze gewoontepatronen lokken ons in een wedergeboorte die bepaald wordt door de specifieke negatieve emotie die ons karma en onze bewustzijnsstroom domineert.


Ook op een ander belangrijk keuzemoment (de juiste moederschoot) in de bardo van wording, wordt de overledene als het ware voortgestuwd door de kracht van zijn karma en stevent hij rechtstreeks op de zes bestaansrijken af. Karma is in de populaire volksmond iets (geworden) van rechtvaardigheid, evenwicht, boetedoen en inlossen van schuld. Maar het lijkt toch meer op een intens dwingende macht, een optelsom van persoonlijke voorkeuren, gewoonten en keuzes, die onherroepelijk jouw toekomst bepaald.

Op het sterfmoment is er een belangrijke kans op bevrijding. Verlost van het lichaam is de karmische visie van een leven volledig uitgeput, en al het karma dat in de toekomst gecreëerd zou kunnen worden, heeft nog geen vaste vorm aangenomen. Op het moment van de dood is er een 'gat', een ruimte zwanger van onmetelijk veel mogelijkheden; het is een moment geladen met enorme kracht, waarin het enige dat echt telt is hoe onze geest dan is. Zonder lichaam onthult de geest zich als wat hij altijd al was: schepper van onze werkelijkheid.

 
De oorsprong van alle verschijnselen is je geest.
Als je niet goed op hem let snelt hij ervaringen achterna,
vindingrijk in de spelletjes van misleiding.
Als je er direct in kijkt, is hij vrij van enige basis of
oorsprong,
In wezen vrij van enig komen, blijven of gaan. 

                                                 (Jamyang Khyentse Chökyi Lodrö)

 
Je bekrompen persoonlijke zienswijze en geschiedenis bepaalt je keuze.
Maar waarom zou je ‘kiezen’?
Geen begeerte of afkeer.
Naar ‘buiten’ kijken leidt meestal tot betrokkenheid of deelname.
Kijk dus naar ‘binnen’.
Geen oordeel, geen keuze.
 
 
Diepzinnig en stil, vrij van complexiteit,
Natuurlijke, stralende helderheid,
De geest van conceptuele ideeën voorbij;
Dit is de diepte van de geest der Overwinnaars.
 
Hier valt niets te verwijderen,
Niets toe te voegen.
Het is enkel het ongerepte
Dat spontaan naar zichzelf kijkt. 

                                                (Nyoshul Khen Rinpoche)

 

 
bronnen:
Jo Marchant
New Scientist
21 maart 2026
 
Sogyal Rinpoche
Dagend Inzicht
Servire, 1995

woensdag 22 juli 2026

Creëren van Realiteit

Liquid Days (3 van 4)

(vervolg van vorige blogpost)

QBism lijkt op enactivism. Deze revolutionaire filosofie van de geest stelt dat levende wezens (mensen, maar ook walvissen, planten of bacteriën) enorm verstrengeld zijn met de werelden die ze waarnemen. Voor een enactivist zijn er geen reeds bestaande omgevingen aan de ene kant, of op zichzelf staande organismen aan de andere kant, maar komen beide op uit het dynamische proces van waarneming en gewaarwording zélf.

De “innerlijke werkmodellen” (predictive coding) worden hier meer beschouwd als een soort handleiding voor het ondernemen van actie. En onze waarnemingen zijn geen voorstellingen of hallucinaties, maar onlosmakelijk verbonden met de realiteit zelf. En dat geldt voor de percepties van alle levende wezens. Een enactivistische filosoof beschreef het bestaan als “een steeds veranderend moment van de schepping”, waarin wij allemaal zowel onszelf als onze werelden vorm geven.

Zowel QBism als enactivism beloven een levende open kosmos, gebaseerd op vrijheid en vernieuwing. Maar, als er dus geen solide landschap ‘daarbuiten’ is, wat verbindt dan alle perspectieven? Want dit lijkt toch op ‘leven in je eigen bubble’, met de realiteit allemaal in onze hoofden? Nee, zegt QBism, niets is in steen gebeiteld (zelfs niet het zogenaamde ‘verleden’) totdat je een actie kiest.

Maar, één ding geldt voor iedereen: kwantum waarschijnlijkheden zijn allemaal met elkaar verbonden en absoluut niet ‘freewheeling’. Als je de ene overtuiging een duwtje geeft, dan moet je een andere ergens anders aanpassen. De details liggen voor het grijpen, maar er zijn wel beperkende grenzen voor de onderliggende structuur van wat je kunt ervaren. (Ook al kunnen we onszelf niet uit ‘het plaatje’ weglaten.) Dit is ook de reden dat Fuchs (team QBism) krachtig ontkent dat ‘de realiteit allemaal in onze hoofden (minds) zit’. Alles wat op welk willekeurig moment dan ook bestaat, omvat niet alleen de in elkaar grijpende overtuigingen en vooruitzichten, maar ook het statistische kader dat ze allemaal met elkaar verbindt. Dit pluriversum is een heel ander soort ‘uitwendige realiteit’, want het bestaat uit andere perspectieven waar we alleen maar (toevallig) tegenop kunnen lopen.

We kunnen elkaar beïnvloeden, of verrast of gedwarsboomd worden door gebeurtenissen, maar we kunnen de waarneming van iemand anders nooit echt begrijpen, of hen dwingen om dingen op een bepaalde manier te zien, of zeker weten wat ze straks zullen gaan doen. Mensen ervaren letterlijk verschillende werelden, zeggen de enactivisten, maar we kunnen wel delen. We banen ons allemaal een eigen pad binnen een evoluerend ‘netwerk’ van mogelijkheden, maar als we samenwerken en communiceren kunnen we onze perspectieven dichterbij elkaar brengen. En door dit proces kunnen we gedeelde realiteit opbouwen, bijvoorbeeld culturele mythen en verhalen, of de wereld van de fysica.

Volgens de enactivisten zijn mensen niet de enige levende wezens die zich bezig houden met voorspellen en handelen en het vormgeven van hun eigen werelden. Ook walvissen, planten, bacteriën en alle andere levensvormen nemen deel aan het creëren van realiteit. Onderzoekers hebben ontdekt dat zelfs eenvoudige netwerken van biomoleculen een zekere mate van keuzevrijheid lijken te vertonen, die naar hun eigen doelen streven. Fuchs zegt dat hij zijn onderzoek gaat uitbreiden en daar niet alleen menselijke metingen bij wil betrekken, om op die manier beter te begrijpen wat het voor onze ervaringen betekent om een deeltje van ‘de wereld’ te vormen (en te zijn).

Wordt vervolgd. 

 
 
bron:
Jo Marchant
New Scientist
21 maart 2026

zondag 19 juli 2026

Pluriversum als Jazz improv

Liquid Days (2 van 4)

(vervolg van vorige blogpost)

Fuchs en collega’s bekeken de zaken vanuit een First-person standpunt,  met een methode om de wereld van binnenuit te begrijpen. In plaats van uitspraken te doen over ‘hoe de dingen zijn’ werk je je voorspellingen voor toekomstige gebeurtenissen voortdurend bij op basis van wat je hebt meegemaakt in het verleden. Waarschijnlijkheden (in de kwantumfysica) zijn dan een optelsom van wat iemand weet, en hebben geen betrekking op iets buiten ons. Hoe het ‘verder’ gaat is voor ieder individu verschillend. Iemand anders met zijn/haar patroon van ervaringen en overtuigingen zou tot heel andere conclusies kunnen komen. Kwantumfysica als een gids voor persoonlijke ervaring, en niet voor objectieve realiteit. Onze keuzes en acties geven vorm aan wat er gebeurt, en de vragen die we stellen bepalen wat voor ons persoonlijk ‘waar’ is.

En eigenlijk komen neurowetenschappers nu tot vergelijkbare conclusies over hoe we onze omgeving in het algemeen waarnemen. Er is meer bewijs dat we de buitenwereld niet rechtstreeks ervaren, maar als persoonlijk en voortdurend bijgewerkt model, of voorspelling. Dit wordt “predictive coding” genoemd. Als er nieuwe zintuiglijke info binnenkomt actualiseert het brein wat het over de wereld gelooft. De dingen (voorwerpen) die we waarnemen zijn de “beste gissingen” van de hersenen, afhankelijk van onze persoonlijke geschiedenis en overtuigingen. Daarom zullen we de dingen nooit zien zoals ze “echt” zijn. Het is een gepimpte benadering van ervaring, geen objectief venster op het universum daarbuiten.

Maar er is wel een belangrijk verschil. Die neurowetenschappers en ook de meeste natuurkundigen hebben de neiging om aan te nemen dat er (ondanks de verschillen in kijk op wereld) nog steeds een ‘solide echt landschap’ is dat onze perceptie te boven gaat. De ingeschatte modellen van de wereld in ons hoofd (onze bewuste ervaring) zijn ook maar een “gecontroleerde hallucinatie”. We leven in wezen nog steeds in een illusie, niet in staat om de echte wereld te bereiken.

Maar stel, er is geen solide landschap ‘daarbuiten’, dan verandert dat de betekenis van predictive coding volledig. Er is geen transcendente waarheid, zegt Fuchs. Niets bestaat vanuit een ‘Gods-eye’ perspectief, het maakt niet uit op welke individuele manieren we kijken. Daarom zou je, in plaats van onze persoonlijke werelden te behandelen als hallucinaties of modellen van de fysieke wereld, onze ervaringen ook eens kunnen bekijken als componenten van een ander soort realiteit, met eigen oorzakelijke krachten.

Waar Wheeler een universum zag ‘gemaakt van informatie’, praat Fuchs in termen van acties en gevolgen. Als je de actie niet onderneemt heb je een ander universum dan wanneer je dat wel zou doen, zegt hij. En dan hangt het ook nog af van welke soort actie je onderneemt. Dit is het Pluriverse, een dynamische “tapestry” van “interacting perspectives” dat Fuchs beschrijft als een “living community of NOWs”. Een pluriversum dat niet is samengesteld uit afzonderlijke dingen die al bestaan, maar uit patronen van ervaringen, die continu tot stand komen door keuzes en acties. Het omvat alle kenmerken van onze persoonlijke werelden die van invloed zijn op wat we waarnemen en hoe we handelen. Bijvoorbeeld alles op het gebied van de natuurkunde, maar ook elke onlogische geloofsovertuiging of eenmalig ervaring. In het artikel worden hier zeer uiteenlopende voorbeelden genoemd, zoals “clicking particle detectors” en monsters onder het bed en krakende herfstbladeren.

Niet bepaald Einsteins relativiteitstheorie. Vergelijk het pluriversum maar met een jazz improvisatie of een jungle of een uitbundige menigte die los gaat. Het is een onhandelbaar, steeds veranderend, zich continu ontwikkelend samenwerkingsproject zonder masterplan maar met de vrijheid zijn eigen toekomst te vormen. Het is constante schepping, zegt Fuchs, “nature is being hammered out, as we speak”.

Wordt vervolgd.

 
 
bron:
Jo Marchant
New Scientist
21 maart 2026

vrijdag 17 juli 2026

A Living Community of NOWs

Liquid Days (1 van 4)

Eigenlijk wil ik de Grondregels… van Nagarjuna weer eens op pakken, maar een artikel in de Engelse New Scientist van maart jl. is te mooi om hier geen voorrang te krijgen. En het stuk sluit ook nog prima aan bij onderwerpen als oorzaak en gevolg en leegte.

In een van de vorige blogposts verbeeldde ik me een onmetelijk pointillistisch schilderij, een oneindige oceaan van ruimte, gevuld met losse stippen vlak naast elkaar, die samensmelten in het oog van de kijker. Een illusie van ontelbare kleine elementen, dharma’s. Het artikel In the eyes of the beholder van Jo Marchant suggereert iets soortgelijks, namelijk een dynamische tapestry, hier een aan elkaar genaaide kosmos van in elkaar grijpende perspectieven en ervaringen, een “living community of NOWs”!

Marchant wordt gefascineerd door de vraag wat NU, het heden, eigenlijk is. Het is alles, zegt ze, en het enige dat je ooit kunt ervaren of weten. Zelfs je herinneringen en plannen kun je NU pas ervaren. En toch is het gebruikelijke standpunt in de natuurkunde dat NU niet eens bestaat. In Einsteins relativiteitstheorie zijn alle tijdspunten gelijk. Elke gebeurtenis kan al worden gedaan of nog plaatsvinden, vanuit verschillende gezichtspunten. Er is geen ‘kosmische ontplooiing’ waardoor de werkelijkheid tot stand komt. Dat geeft wel een probleem: als NU een illusie zou zijn, kunnen we op dat moment niet ingrijpen om de toekomst te beïnvloeden, omdat alle gebeurtenissen en tijden al bestaan. Alles ligt al vast.

Vervolgens komt Marchant met een klassiek gedachten experiment (jaren 70) van natuurkundige John Wheeler, met een soort omkering van de normale volgorde van de tijd, waarbij onze keuzes niet alleen het heden beïnvloeden, maar ook het verleden. Voor Wheeler was de les van de kwantum mechanica dat onze realiteit niet los van ons bestaat. We kunnen een deeltje niet ‘vastpinnen’ totdat we er naar kijken, want het gaat hier niet om definitieve dingen, maar om potentieel. Door de vraag te kiezen, bepalen we wat voor soort antwoord we krijgen. Dus, zegt Wheeler, als een fenomeen niet bestaat totdat we het bekijken en beoordelen, dan moet wat aan ons verschijnt niet alleen het heden zijn, maar ook het verleden.

Ons hele universum, dichtbij en ver, verleden en toekomst, wordt NU, van moment tot moment en voortdurend tot stand gebracht door de antwoorden op vragen die we stellen. Als we andere vragen zouden stellen, of in een andere volgorde, zouden we een ander resultaat krijgen. De deeltjes die we waarnemen zijn afgeleid van ‘informatie’ die wijzelf helpen creëren. “Informatie als een nieuwe vloeistof in de wereld”.

Hoewel deze nieuwe richting dadelijk een grote vlucht nam, was Christopher Fuchs (een voormalig student van Wheeler) niet tevreden. Hij vond namelijk dat het belangrijkste punt van Wheeler hier gemist werd: dat er geen antwoord is totdat we de vraag stellen. Fuchs had zo zijn eigen interpretatie van kwantumfysica: QBism. Hij vroeg zich af wat het voor de realiteit betekent als je zegt dat het resultaat van een meting onlosmakelijk verbonden is met de meting zelf?

Wordt vervolgd.

 
 
bron:
Jo Marchant
New Scientist
21 maart 2026

dinsdag 2 juni 2026

Sarvastivada

Nagarjuna 9

Verder met Nagarjuna’s Grondregels…, vers 3 van hoofdstuk 1.

Nagarjuna stelt dat er geen onafhankelijke oorzaken en gevolgen bestaan, en dat ‘de dingen’ hun zelfbestaan niet uit hun oorzaak halen. Ook de rest van het hoofdstuk gaat voornamelijk over wel of niet oorzaak en gevolg. Ik heb daar inmiddels veel over nagedacht en ook wel gediscussieerd, maar blijf er toch wat moeite mee houden. En ook voorzichtig, denk aan de woorden van Padmasambhava: “Hoewel mijn Zicht zo ruim is als de hemel, zijn mijn handelen en mijn eerbied voor oorzaak en gevolg zo fijn als meel”.

Kan het zijn dat deze stijl van uitleg mij niet ligt? Het eindeloos filosofisch geredeneer. Of is het hier juist de bedoeling dat je ‘woordenmoe’ en murw van langdurig overpeinzen een inzicht krijgt? Je vastgeroeste logische denkpatroon doorbroken, op een koan-achtige wijze? Intuïtief kan ik mij best een Nu voorstellen, of Leegte waarbij alles in een constante transitie verkeert, in samenhang met alles. Zodanig in beweging dat er nooit een ‘vast’ etiket opgeplakt kan worden.


Hoe verder? In zijn commentaar bij de tekst noemt vertaler Erik Hoogcarspel zijdelings een boeddhistische stroming waar Nagarjuna zich speciaal tot richt. Waarom doet Nagarjuna dat? Iets meer uitleg daarover zou zijn tekst wellicht wat begrijpelijker en minder abrupt maken. Op internet vind ik meer informatie over deze Sarvastivadins. Heel in het kort: een invloedrijke vroege boeddhistische school die gelooft dat alle dharma's (fenomenen) bestaan in het verleden, heden en de toekomst. De essentie van de werkelijkheid is permanent, zelfs als verschijnselen veranderen.

De Sarvastivadins gaan er van uit dat de dagelijks waarneembare wereld niet werkelijk bestaat, maar is opgebouwd uit ontelbare kleine elementen (dharma’s). Alleen deze dharma’s bestaan echt en dan ook nog maar voor héél even. Het is momentariteit, de voortdurende vergankelijkheid en verandering van alle verschijnselen. Ze ontstaan, veranderen direct en vergaan weer, wat leidt tot de filosofie van 'afhankelijk ontstaan'. De zogenaamde werkelijkheid bestaat uit een aaneenschakeling van losse momenten.

 
 
Bronnen:
diversen op internet 
 
Nagarjuna
Grondregels van de filosofie van het midden
Vertaling en commentaar: Erik Hoogcarspel
Olive Press, 2005

zondag 24 januari 2021

De tekenen des doods

Van de stervende/overledene in de bardo van het ogenblik voor de dood, wordt wel enige parate kennis verwacht. Het is heel handig als hij al kennis heeft genomen van een bepaalde tekst (genoemd in de Bardo Thödol) waarin, naast een opsomming van de ‘tekenen des doods’, een overzicht wordt gegeven van voortekenen, interpretaties van dromen, het sterven en medische inzichten.

Het is zeer belangrijk dat de stervende de tekenen herkent. De eerste echte bardo-ervaring namelijk is een gevoel van twijfel en onzekerheid. Ben ik nu eigenlijk stervende of niet? Verlies ik hier het contact met de tastbare wereld? Ga ik hier over naar een onwerkelijke wereld? Je raakt de vaste grond onder je voeten kwijt, en je vraagt je af of je projecties (en jijzelf) eigenlijk wel echt bestaan.

Deze innerlijke strijd ontstaat, omdat de door jou tot nu toe als ‘werkelijk’ ervaren wereld gebaseerd is op onjuiste waarneming. De dingen zijn anders dan de criteria die je verstand je doorgaf. Dualisme werd door jou gezien en beleefd als (schijn)eenheid, daardoor ervaar je nu een enorme onvoldaanheid en onzekerheid. De tastbare logische toestand lost op, en je vraagt je af: is dit nu verlichting of krankzinnigheid? Een overgangsmoment waarop je de wereld van dualiteit kunt verlaten, en ingaan in de vage leegte, de wollige, mistige wereld van de dood.

Als de stervende er nog toe in staat is, kan hij met zichzelf werken door middel van eerder ontvangen instructies. En anders moet een leraar of vriend hardop en duidelijk (en in de juiste volgorde!) de opeenvolging van de tekenen des doods voorlezen. De ervaring van de dood wordt beschreven in termen van de verschillende elementen van je lichaam, naar steeds diepere lagen afdalend:

1. Lichamelijk voel je je zwaar - het element aarde lost op in water. 
2. De circulatie begint te stagneren - water lost op in vuur. 
3. Elk gevoel van warmte en groei begint te verdwijnen -vuur lost op in lucht (wind). 
4. Je verliest het laatste gevoel van contact met de stoffelijke wereld - lucht lost op in ruimte (bewustzijn). 
5. Er is een gevoel van een inwendige helderheid, een innerlijke gloed, als alles volledig naar binnen gekeerd is - het bewustzijn lost op (in helderheid) in het centrale energiekanaal.

Chögyam Trungpa legt uit: Allereerst verlies je het fysiek contact (aarde), je verzekert jezelf ervan dat je geest nog steeds functioneert (water). Dan twijfelt de geest of hij nog wel op de juiste manier functioneert, er stagneert iets in zijn circulatie. Je test je emoties, liefde en haat (vuur). Maar zelfs dit lost langzaam maar zeker op in lucht, en er ontstaat een vage ervaring van openheid. Je kunt je niet meer concentreren op liefde, of proberen je iemand herinneren van wie je houdt. Alles lijkt van binnen hol te zijn.

In de vertaling van Robert Thurman neemt de stervende achtereenvolgens waar: 
1. luchtspiegeling, 2. rook, 3. vuurvliegjes, 4. kaarsvlam, 5. door maanlicht overgoten hemel.

Op dit moment moet de overledene (zacht in zijn oor) aan zijn spirituele motivatie herinnerd worden. “Laat je gedachten niet dwalen” . Thurman vervolgt zijn vertaling met de laatste tekenen:

6. Door zonlicht verlichte hemel: het teken dat helderheid in straling oplost. 
7. Donkere lucht: het teken dat de straling in het bijna-bereikt oplost. 
8. Dageraadschemering:  het teken dat het bijna-bereikt in het heldere licht oplost.

Maar Trungpa geeft hier toch de mooiste beschrijving van het sterfmoment en de ontmoeting met het heldere licht: “De volgende ervaring is de helderheid. Je bent bereid op te geven, want je kunt niet langer tegenstribbelen, een soort zorgeloosheid doet zich op dat ogenblik voor. Het is alsof pijn en genot tegelijk plaatsvinden, alsof een keiharde douche van ijskoud en kokend water tegelijk over je lichaam wordt uitgestort. Een intense ervaring, heel krachtig en vol, de ervaring van eenheid waar pijn en genot hetzelfde zijn. De dualistische worsteling van trachten iets te zijn, wordt volledig in de war gebracht door de twee uiterste krachten van hoop op verlichting en de vrees om krankzinnig te worden. Deze twee zijn zo hevig dat dit een zekere ontspanning toelaat. Wanneer je dan niet langer worstelt, doet de helderheid zich op natuurlijke wijze voor.”
 
 

Bronnen:  
Francesca Fremantle en Chögyam Trungpa  
Het Tibetaans Dodenboek  
Servire, 1991 
 
Robert A.F. Thurman  
Het Tibetaanse Dodenboek  
Altamira-Becht,  2006 
 
Ilse Dorren  
Tocht door twee werelden; Gids voor het Tibetaanse Dodenboek  
Mirananda, 1985

dinsdag 18 september 2018

Droomyoga (1)

Als je de tekst van het Bardo Thödol beter wilt begrijpen kunnen de boeken van Tenzin Wangyal Rinpoche over droomyoga heel zinvol zijn, want in grote lijnen lijken in slaap vallen en sterven behoorlijk op elkaar. In slaap vallen/ dromen/ wakker worden = doodgaan/ door de bardo heengaan/ opnieuw geboren worden. Iedere droom is verbonden met onze geest en wie we zijn en dat geldt ook voor de bardosituatie na het sterven.

Je kunt dus veel profijt hebben van bewust doodgaan, nadat je geleerd hebt bewust te kunnen dromen. Bewust aanwezig zijn in je dromen leidt tot bewust aanwezig zijn bij de dood en in de bardo na de dood. Tenzin Wangyal gebruikt hierbij graag het woord beeldvorming. En daarmee bedoelt hij niet alleen de waarneming van visuele verschijnselen, maar ook de totaliteit van al het ervaren, dus iedere perceptie, gewaarwording en mentale en emotionele activiteit. Je moet je realiseren dat beeldvorming de totale ervaring inhoudt.

Als we niet bewust aanwezig zijn in onze beeldvorming, dan zijn we meestal ook niet bewust aanwezig in ons handelen. Als we niet bewust aanwezig zijn in ons handelen, zijn we dat ook niet in onze dromen. En als we niet bewust aanwezig zijn in onze dromen, zijn we dat ook niet na het moment van de dood. Terwijl het juist zo belangrijk is zowel in de droom als na het sterven de waarheid te zien van wat er in ons opkomt. Wij moeten de ware situatie waarin wij bestaan gewaar zijn, anders kunnen wij niet vaardig reageren op wat wij binnen en buiten ons tegenkomen. Misleid worden door de verkeerde interpretatie van de dualistische geest, en de projecties en fantasie van de geest voor werkelijkheid houden, is het gevolg van je niet bewust zijn van je beeldvorming.

Als we overdag te verstrooid zijn om de fantasieën en begoochelingen van onze rusteloosheid te doorbreken, zitten we in onze dromen in de zelfde beperkingen vast. Dromen en sterfbedvisioenen komen voort uit dezelfde karmische sporen die onze ervaringen in de wakende toestand beheersen. We worden heen en weer geslingerd door hebberigheid en afkeer, onvrede en bedrieglijke verwachtingen. In een vorige blogpost beschreef Tenzin Wangyal al hoe de menselijke emoties die je ervaart tijdens het sterven letterlijk je ervaringen en visioenen in de bardo kleuren en invullen.

In de volgende blogpost meer over droomyoga en wat vuistregels om aanwezigheid en helderheid in de droom te bevorderen. 
 

Bron: interview Tenzin Wangyal Rinpoche door Hans de Bie,
        Prana 122, december 2000/januari 2001