Nagarjuna 1
Zoals gezegd ben ik begonnen met het herlezen van Nagarjuna’s Grondregels van de filosofie van het midden, vertaald en uitgelegd door Erik Hoogcarspel. Ik ben netjes begonnen bij de inleiding. Voor deze blogpost heb ik ook gebruik gemaakt van een interview in Filosofie Magazine met een andere, meer recente vertaler van dit werk: Michiel Leezenberg. In 2024 verscheen zijn versie onder de titel Basisverzen van het middenpad. Het lijkt me leuk en leerzaam om ooit beide vertalingen eens te vergelijken, zoals ik dat eerder ook wel met het Tibetaans Dodenboek heb gedaan.
In zijn inleiding geeft Hoogcarspel aan dat er veel mythen in omloop zijn over het leven van Nagarjuna, meestal Tibetaans. Aan alles zit een sterk verhaal vast, leeftijd, naam, geboorte. Er is eigenlijk niets met zekerheid bekend. Algemeen wordt aangenomen dat Nagarjuna ergens in het midden van de tweede eeuw geboren is in Zuid-India. Zijn vader zou een rijke brahmaan zijn geweest.
Volgens sommige biografieën heeft Nagarjuna zich met tovenarij bezig gehouden, voordat hij zich overgaf aan boeddhistische studie. Hij heeft veel gereisd en geschreven, en geldt als de belangrijkste filosoof van de Indiase boeddhistische traditie. De Mulamadhyamakakarikah (Grondregels van..) is Nagarjuna’s bekendste werk. Deze tekst bestaat uit 27 hoofdstukken van 6 tot 40 verzen (karika’s) van 4 regels, waarbij overpeinzing ervan zou helpen bij het ontdekken van ‘de’ leegte. De stellingen zijn soms raadselachtig en worden nauwelijks uitgelegd. Het zijn werktuigen om nieuw inzicht te bereiken, meer niet, na gebruik gooi je deze ‘ladder’ ook weg.
Nagarjuna probeert mensen te bevrijden van hun gebruikelijke manier van denken en begripsvorming. Die liggen op het vlak van de mentale voorstelling en zijn dus fantasie. Alle dingen die je ziet zijn eigenlijk illusies. Ze bestaan niet echt, maar zijn leeg. (En wijzelf?) Terwijl de werkelijkheid wordt ervaren, en juist daarom niet gedacht kan worden.
Nagarjuna’s ideeën zijn behoorlijk radicaal en in de eerste instantie erg ingewikkeld. En waarom zou dat idee van leegte bevrijdend zijn? Omdat het verder gaat dan het traditionele boeddhisme? Je maakt je niet alleen los van de personen en de dingen om je heen (geen gehechtheid en begeerte, dus ook geen lijden meer bij verlies), maar ook van de begrippen waarmee je denkt (tijd, ruimte, causaliteit), want ook die bestaan niet echt. Het zijn slechts hulpmiddelen om je leven te kunnen leiden. Alles is leeg. Nagarjuna laat stapsgewijs zien dat élke vorm van logisch of conceptueel denken uiteindelijk onhoudbaar is. En dat geldt net zo goed voor het begrip ‘leegte’! Dat is ook maar een hulpmiddel om je gehechtheid los te laten.
Als je bevrijd bent van dogmatisch denken, in welke vorm ook (dus inclusief boeddhistische concepten), sta je open en los in het leven. Open voor de vrijheid van het ervaren. (Het menselijk verstand heeft sowieso zijn grenzen).
