vrijdag 19 juni 2026

Paradijs Van Het Grote Niets

De hemel van…  Frank Boeijen

(De hemel van… Afl.31)

Dit jaar verscheen Paradijs Van Het Grote Niets, een nieuw album van Frank Boeijen. Vier jaar mee bezig geweest, vertelt hij op zijn website, en veel materiaal niet gebruikt. Er is een terugkerend thema: ‘de vergankelijkheid’, want ja “uw zanger wordt ouder”, zegt Frank zelf. Volgend jaar zeventig, het verbaast hem, voelt zich nog ongemakkelijk de koorknaap in het kerkelijke priesterkoor. Hij wil gewoon doorgaan zolang het kan, maar toch “Wie weet... het laatste woord…”. Luister maar naar het album, zegt Frank, “beter wordt het niet”. En inderdaad, dit is waarschijnlijk het mooiste album uit de carrière van Frank Boeijen, inclusief de periode Frank Boeijen Groep. Erg goed!

Een album bedoeld als troost en verzachting, en dat is natuurlijk mooi meegenomen bij elke vorm van vergankelijkheid. En die komt hier breed aan bod: verdriet, verlies, oude vrienden, familie, naderend einde, dementie. Zoals altijd zijn de teksten van Frank hier redelijk toegankelijk, soms wat flarderig abstract en kun je er meerdere kanten mee op, afhankelijk van je stemming.

De mooiste song is zonder twijfel het titelnummer Paradijs van het grote niets. Lijkt mij erg persoonlijk, zelfs voor Frank Boeijen. Hij beschrijft een hiernamaals, een ideale plek, die hij ‘paradijs’ noemt, maar die van hem net zo goed ‘nirvana’ of ‘hemel’ mag heten. In de loop der jaren vertelde Frank in interviews niet in een hiernamaals te geloven. “Het kan gewoon niet waar zijn” en “je komt er toch nooit achter”. Maar misschien doet inmiddels zijn katholieke opvoeding zich toch nog, toch weer, gelden? Zijn uitvaartdienst, te zijner tijd, moet dan ook ‘gewoon’ in een kerk plaatsvinden (zonder muziek).

En hier deelt Frank dus zijn versie van de hemel. Waar hij misschien niet in gelooft, maar wel op hoopt? Hij verwacht dat we elkaar hier weer zullen terugzien, in dit rijk der doden, van onze geliefden. Althans the good guys, want er zijn alleen maar vredelievende begripvolle onbaatzuchtige mensen. Hier geen afkeer, afgunst, oordeel. En zeker geen typisch aardse ongemakken, hij geeft een opsomming: oorlog, macht, geld, tirannen, materie, geweld en dwang. Allemaal afwezig.

Het is het paradijs van mooie dingen. Waar het vrede is. De eeuwige rust van de aanwezigheid, afwezigheid, niet te zien, niet te horen. Waar alleen liefde telt. Waar iedereen mag zijn die hij wil zijn, de anderen (the bad guys) zijn ergens anders. De hel natuurlijk, het vagevuur, het “inferno der schaamtelozen en gewetenlozen”, Frank somt er de nadelen van op, eigenlijk alle zaken die in de hemel afwezig zijn. Want daar heerst genegenheid, vergeving en vrijheid. En vooral samenzijn in het grote niets onder elkaar, met die ene geliefde of dat speciale iemand. Vertrouwd en zacht wonen we in elkaars hart, voorbij het ondraaglijk verdriet, samen in het Paradijs van het grote niets.

We worden er herboren, zien door de ogen van een kind dat alles voor het eerst ziet, daar heerst bewondering, warme omarming, daar is geen einde want dat is al geweest. Liefde zonder einde in ons paradijs. Het is kortom, ondanks de titel, een behoorlijk christelijke aangelegenheid compleet met beloning en straf en weerzien, maar in dit geval zonder opperwezen en dergelijke. De katholieke invloeden zijn duidelijk aanwezig als Frank suggereert dat je er misschien zelfs een “goedgezinde geest” wordt (een beschermengel, een engelbewaarder) die het nieuwe kind de weg wijst onderweg naar die eindeloze liefde.