zondag 5 april 2020

De gauri's, pishachi's en yogini's

De vorige blogpost over de bardo van dharmata eindigde behoorlijk optimistisch. Op dag twaalf verschenen de angstwekkende Boeddha Karma-Heruka en zijn dito partner, maar de overledene zou natuurlijk in het geheel niet bang zijn. Hij zou hen juist herkennen als vorm van zijn eigen geest, zijn yidam. Volgens plan zou hij dan onmiddellijk bevrijd zijn en zelfs een boeddha worden!

Maar naast optimistisch is het Bardo Thödol vooral ook praktisch en realistisch, de overledene is tenslotte wel helemaal afgedwaald naar dit punt in de bardo. En al zou hij nog zo’n goed mens (geweest) zijn, als hij hier niet de juiste instructies krijgt zal hij het spoor bijster raken en nog verder afdwalen in samsara. Begeleiding is dus meer dan nodig, juist nu.

Want na de vreselijke heruka’s krijgt de dolende dode nu te maken met nóg onheilspellender figuren: de gauri's, pishachi's en yogini's. Hij gaat Mahakala ontmoeten en Yama, de Heer van de Dood. De kans is heel groot dat hij in de volgende tussenstaat zal belanden, de bardo van wording. Een wedergeboorte is dan vrijwel onafwendbaar, en daar moeten we natuurlijk al helemaal niet aan denken. Noem de dode dus weer bij zijn naam en motiveer hem nogmaals met de tekst uit het Bardo Thödol.

Met de introductie van de gauri's, pishachi's en yogini’s zien we duidelijk de grote invloed van het sjamanisme op het Tibetaans boeddhisme. Het zijn wezens uit de voor-boeddhistische tijd, toen de mensen zich nog met de natuur verbonden voelden. Dieren waren symbolen van beschermgeesten. De pishachi’s en yogini’s hebben dierenhoofden, wat aangeeft dat ze de machten van de natuurlijke wereld vertegenwoordigen.

De gauri's, pishachi's en yogini's zijn verschillende soorten toornige, vrouwelijke boeddhavormen. De ontmoeting met deze oerkrachten is ontzettend belangrijk en het is vooral cruciaal dat je de afkeer die je voelt overwint. Je wordt hier geconfronteerd met zeer sterk onderdrukte elementen van je eigen psyche. Ze zijn angstaanjagend omdat ze ontkend worden. Maar hier, op dit punt in de bardo, kun je er niet meer omheen. Je kunt je flatteuze zelfbeeld niet langer volhouden.



Bronnen:
Francesca Fremantle en Chögyam Trungpa
Het Tibetaans Dodenboek
Servire, 1991

Robert A.F. Thurman
Het Tibetaanse Dodenboek
Altamira-Becht,  2006

Ilse Dorren
Tocht door twee werelden; Gids voor het Tibetaanse Dodenboek    
Mirananda, 1985