maandag 14 januari 2019

Amitabha

Amitabha is het eerste woord van het Bardo Thödol (in de vertaling van Robert Thurman). Amitabha is Sanskriet en betekent ‘grenzeloos licht’. Hij is de boeddha van het westelijk boeddhagebied (Sukhavati) en het hoofd van de Lotus-familie van tantrische archetypische Boeddhavormen.

Het Bardo Thödol, de handleiding voor de tussenstaten, begint met een kort eerbetoon aan de spirituele leraren die de drie Kaya’s belichamen: Amitabha (Dharmakaya), de Vredige en Toornige Lotusgodheden (Sambhogakaya) en Padmasambhava (Nirmanakaya). In deze aanroeping is Amitabha dus symbool van dharmakaya, het Waarheidlichaam, het aspect van het Boeddhaschap dat verbonden is met de uiteindelijke realiteit.

Volgens Robert Thurman kan de moderne beoefenaar deze aanroeping best vervangen door een van de drie-eenheid, dualiteit of eenheid die hij zelf als allerheiligst beschouwt, want het gaat erom dat die hem helpt zich zo comfortabel en zeker mogelijk te voelen.



Verderop in het Bardo Thödol (op de vierde dag in het Chönyid bardo om precies te zijn) komen we Amitabha nog eens tegen. Dit keer als de rode boeddha, de boeddha van de onderscheidende wijsheid. Een andere pet, dat kan allemaal in het Bardo Thödol. Het gaat hier immers niet om goden, maar om zinnebeelden.

In Tocht door twee werelden zegt Ilse Dorren hierover: “We hebben telkens met nadruk vastgesteld dat al deze boeddha’s en hun hele entourage zuiver symbolisch zijn bedoeld. Toch moeten we er ons voor hoeden ze als louter gedachtespinsels af te doen. Ze beelden krachten uit die in ons en in de kosmos werken en die energiestromen zijn binnen het kader van de dualiteit wel degelijk speurbaar. Naar gelang van iemands godsdienst zal de werking van de sambhogakaya zich in verschillende gedaanten manifesteren.”